Redactie
Biografie Veronique van Velzen
Geboren in 1971 binnen een onderwijzersfamilie. De lagere school deed ik op het blindeninstituut Sint Henricus in Nijmegen. Ik was een van de eerste meisjes op deze jongensschool. Het VWO deed ik op een reguliere schol in mijn woonplaats Arnhem, ik had zo veel talen in mijn vakkenpakket als maar kon. Studie Frans en Spaans aan de HBO opleiding Tolk-Vertaler in Maastricht. Opleidingsstage en een jaar werken in Brussel. Hierna anderhalf jaar werkloos, waarin ik kon werken op de boot van Dialoog in het Donker. Het contact met de afspiegeling van de samenleving trok mij hierin het meest aan. In deze tijd werd ik ook redacteur en later eindredacteur van Mensenleven. Na anderhalf jaar werken op Het Loo Erf waarin ik o.a. cursussen gaf, teksten redigeerde en vertaalde en waar ik veel beroepsdeformatie tegen kwam bij mijn ziende collega's, kreeg ik uiteindelijk veelzijdig werk bij de recherche Arnhem.
Wat bij mij hoort: optimisme, onconventionaliteit, realisme, naturisme, verantwoord Bourgondisch. Ik voel mij fijn bij: fijne mensen, buiten bewegen, reizen, schrijven, lezen,muziek
Biografie Willemeine Bol
Willemeine Bol werd in november 1952 te Oisterwijk in Brabant geboren. Ze woonde 14 jaar in het instituut voor blinde en slechtziende kinderen te Grave. Ze werkte vijf jaar als groepsleidster bij verstandelijk gehandicapte kinderen. Ze gaf zelfhulptrainingen cocounselen; leren omgaan met emoties. Ze werkte in de vrouwenbeweging. Ze deed mee in een new age centrum. Ze woonde twee jaar in Mozambique en vijf jaar in Rwanda. Ze schreef een boek over haarzelf en het blind zijn; LosBol. Naast schrijven, zingt ze heel graag en vindt ze het heerlijk samen te zijn met mensen waar ze zich verbonden mee voelt. Ze woont nu alleen met haar hond Habibi in Sneek.
Ze heeft een website: www.los-bol.nl
Biografie Frieda Klezmer (pseud.), Berlijn-(Mitte).
Groeide op in een culturele smeltkroes, verhuisde naar Baden-württemberg en later naar Nederland. Kwam door geëngageerde ouders in contact met zowel Westerse als Oosterse, m.n. Aziatische, politiek in contact. Onder het motto dat mij mijn visuele handicap niet al te veel overdreven aandacht zou bezorgen, kozen mijn ouders voor een optimale integratie zonder extra's. Kleuter-, basis- en gedeeltelijk de middelbare school doorliep ik met niet gehandicapte, goedziende kinderen. Dit leverde mij staaltjes van overlevingskunst op, in figuurlijke zin door verhalen en verzen, alsook wiskundige getallenreeksen uit mijn hoofd te kennen, en in letterlijke zin door onvervalst bijten, toebijten, knijpen en voor mezelf knokken. Toen ik in mijn vroege adolescentie vond dat dit me te eenzaam maakte en dat Jung al te zeer gelijk kreeg, zocht ik mijn toevlucht tot de blinden- en meervoudig gehandicaptenschool te Berlijn-Steglitz, waar ik een poos heb kunnen stagelopen, andere leerlingen mocht helpen maar waar ik vooral mezelf kon herontdekken. Ik kwam erachter dat mij niet lukte wat mijn ouders me hadden ingeprent: meelopen met de norm, niet afwijken en erbij horen. dit betekende aanvankelijk grote frustratie. de fantasiewereld waarin ik leefde stond te ver af van het reële leven om me heen. Weliswaar kreeg ik heel bijzondere vrienden en vriendinnen in een vriendenkring van exentriekelingen, exoten en alleengaanders, maar ik wilde coûte-que-coûte meedraaien met de reguliere mens. Het heeft me een paar consulten bij de psychiater en ettelijke uren aan zwemsport gekost eer ik geaard was, mij zogezegd thuisvoelde bij mezelf, me mijn fantasieën toestond en ook besefte dat de doorsnee mens niet bestaat. Ik houd van communiceren en opteerde, weer eens terug in amsterdam, voor een tolkenopleiding. Afgeschrikt door mares dat je, wilde je door je examens heenrollen, met de profs naar bed moest, koos ik al na twee jaar voor docentschap en deed Spaans, Frans en duits. in Utrecht probeerde ik het maatschappelijke werk uit bij bureau Antidiscriminatie, werd door heel lieve, betrokken Antilliaanse collega's bij het traject geholpen waarin ik me, waarschijnlijk te wijten aan mijn individualistische inslag, nogal gedissocieerd voelde. Heel wat dossiers hebben we door onze handen laten gaan, brieven geschreven en cliënten aangehoord. Leerkracht ben ik voor gegadigden in binnen- en buitenland geweest, soms per correspondentie, via cassettes of aan huis. Eind negentiger jaren kreeg ik een heus klasje dat zoveel energie opslokte en zo weinig met didactiek en vreemde talen uit te staan had, dat ik het docentzijn vaarwel heb gezegd en met vertalen ben begonnen. Mensen buiten de norm blijven me boeien. Na een kantoorbaan vol rivaliteit en roddel heb ik het lesgeven toch maar weer opgepakt. Mijn cursistes zijn voornamelijk vrouwen die moeten vechten voor hun bestaan. Mijn subinteresses zijn, zoals die zich op mijn dertiende aandienden: parapsychologie, alsnog rijmpjes en versjes, en alles wat met medische kennis te maken heeft. Plus natuurlijk datgene wat de diersoort mens tot mens laat verworden.
Ik ben Riet Brusselaars
Ik ben in 1965 in Steenbergen geboren. Als gevolg van een vroeggeboorte ben ik blind geworden. Omdat ik te weinig werd gestimuleerd, sloeg ik een aantal facetten uit de peutertijd, waarin toch een groot aantal vaardigheden worden gevormd, over. Mijn jeugd bracht ik door op de Wijnberg, later Theofaan. Via het volwassenenonderwijs, Sonneheerdt en Het Loo-erf kwam ik in de Sociale Werkvoorziening terecht. Daarnaast werk ik free lance als notuliste. De relatie en communicatie tussen mensen heeft mij altijd geboeid. Ik heb op dat gebied via de Open universiteit cursussen gevolgd en me als vrijwilliger voor diverse mensen en organisaties ingezet. Dit geeft mij veel voldoening. Mijn overige hobby’s zijn zingen, schrijven, recreatief sporten en een bezoek aan het theater.
Biografie Mari Dörr
Ik werd geboren op 23 maart 1925 in Rotterdam, was 3 maal getrouwd en ben sinds 1998 alleen staand. Mijn slechtziendheid verergerde vanaf ca. 1990. Ik woon sinds juni 2007 in Het Schild, tehuis voor visueel gehandicapte ouderen in Wolfheze. Na de lagere school en door onderduiken niet afgemaakte HBS studeerde ik in Amsterdam aan de School voor Maatschappelijk Werk om daarna via psychologisch medewerker en personeelchef als manager personeel en organisatie mijn beroepsleven in 1983 te be-eindigen. Vanaf het einde van de 2e wereldoorlog tot en met 1974 besteedde ik mijn vrije tijd met activiteiten voor de NVSH waarvan bijna 25 jaar als hoofdbestuurder en na de door mij begeleide splitsing van NVSH en Rutgesstichting tevens als Secretaris-curator van de stichting. Tevens was ik voorzitter van de Landelijke Stichting Telefonische Hulpdienst voor Sexualiteit en Relaties en gaf sexuele voorlichting op Volkshogescholen en Landbouwwinterscholen. Ik houd mij thans nog alleen bezig als redacteur van MensenLeven.